Dit zeer immune virus staat nauw in verband met het kattenziekte virus, kruisbesmetting is echter niet mogelijk. Het is bijna ongevoelig voor zowel fysische als chemische invloeden en daardoor moeilijk uit te bannen. Het virus verspreidt zich voornamelijk via de mond en de ontlasting van het besmette dier.
De meeste infecties zien we bij pups van 8-14 weken, maar ook volwassen, niet gevaccineerde honden lopen gevaar. De tijd tussen besmetting en het zichtbaar worden van de eerste symptomen is 2-4 dagen. Deze symptomen bestaan voornamelijk uit herhaald braken, bloederige diarree en een erg pijnlijke buik. Verder zijn de dieren sloom, willen niet eten/drinken en zeker bij kleine honden en pups is het risico op uitdroging groot. Een 2e variant komt voor bij dieren onder de 3 maanden. Deze tast ook de hartspier aan waardoor de dieren erg benauwd worden en een piepende ademhaling krijgen. Middels een ontlastingtest is het virus aan te tonen, maar een behandeling, behalve symptomatisch en met ondersteunende middelen, is er niet. Ook bij deze ziekte is preventie middels vaccinatie de belangrijkste bestrijding.
Het parvovirus een een zeer besmettelijke aandoening bij honden. Men spreekt ook van ‘katteziekte’ omdat een er gelijkaardige parvovirus infectie bij de huiskat ook frequent voorkomt. Het parvovirus van de kat is echter niet besmettelijk voor honden. Parvovirose komt ondanks vaccinatie nog steeds vrij veel voor, voornamelijk bij pups. Vaak breekt de ziekte pas enkele dagen tot weken na de infectie uit, zodat in sommige gevallen de eigenaar een ‘gezonde’ pup kocht die plots erg ziek wordt.
Het grote gevaar van parvovirus is het feit dat het zeer lang (tot een jaar) in de omgeving kan overleven en weerstaat aan veel ontsmettingsmiddelen. Besmette dieren scheiden massale hoeveelheden virus uit. Het is dus mogelijk dat een hond de ziekte krijgt omdat er een jaar eerder een besmet dier op dezelfde plaats was!
Symptomen
De eerste symptomen van parvo zijn lusteloosheid, niet willen eten en veel slapen.
De typische symptomen van parvovirose breken na enkele uren tot dagen uit: hoge koorts, braken en diarree. De diarree is erg waterig en meestal bloederig en erg stinkend (typische ‘parvo-geur’). De symptomen zijn zeer hevig en ontstaan op zeer korte tijd. Gezien het braken en de massale diarree zullen de dieren snel uitdrogingsverschijnselen vertonen. Het virus kan ook de hartcellen aantasten, met dodelijke gevolgen.
Diagnose
De symptomen en de typische geur van de diarree zullen in veel gevallen reeds een sterk vermoeden van parvo geven. Bij twijfel kan men gespecialiseerd onderzoek laten uitvoeren op een meststaal.
Behandeling
De behandeling dient snel ingesteld te worden. Bij vermoeden van parvo zal de dierenarts de hond hospitaliseren en intraveneus (in de ader) vocht toedienen. Omdat het om een zeer besmettelijke ziekte gaat zal de hond afgezonderd worden van andere (gehospitaliseerde) dieren.
Hoewel het om een virus gaat zal men vaak antibiotica toevoegen om de darmbacteriën geen kans te geven de kapotte darmslijmvliezen te besmetten.
Indien het dier herstelt en stopt met braken zal men de vochttherapie voortzetten met speciale formules die de hond kan opdrinken.
Prognose
Parvovirose is een zeer ernstige aandoening die fataal kan aflopen, zeker bij jonge dieren.
Indien het dier tijdig en goed behandeld wordt bestaat een goede kans dat het dier zal overleven.
Preventie
Vaccinatie!
Een gevaccineerd dier zal uiterst zelden ziek worden indien het in contact komt met parvovirus. Tegenwoordig vaccineert men alle honden tegen deze ziekte.
Pups die veel risico lopen om geïnfecteerd te raken zullen een eerste maal gevaccineerd worden op de leeftijd van 6 weken. Alle honden krijgen een vaccinatie op 9 en op 12 weken. Daarna volstaat een jaarlijkse hervaccinatie. Indien de hond gedurende meerdere jaren geen booster vaccinatie meer heeft gekregen, zal men opnieuw 2 maal vaccineren met 2 weken tussentijd.
In ieder geval is het ten zeerste aan te raden het dier niet in contact te laten komen met een besmet dier of een besmette omgeving!